
Niet de aanschafprijs, maar het aantal onderhouds- en vervangingsmomenten bepaalt uiteindelijk de kosten van een houten gevel, zo meldt vakblad Houtwereld op basis van onderzoek van FSC Nederland. Het onderzoek vergelijkt vier veelgebruikte houten gevelproducten over een periode van veertig jaar en gebruikt daarbij praktijkgegevens uit de sociale woningbouw.
Hoewel het onderzoek specifiek over houten gevels gaat, is de kernboodschap breder te trekken naar gevelonderhoud in het algemeen: de instapprijs van een product of een beurt zegt weinig over wat een gevel uiteindelijk kost als onderhoud en vervanging niet worden meegerekend. Voor VvE's en vastgoedbeheerders die een meerjarenonderhoudsbegroting opstellen, is dit een relevant gegeven. Een goedkope oplossing die vaker onderhoud of vervanging vraagt, kan op lange termijn duurder uitpakken dan een duurdere, duurzamere keuze.
Voor huiseigenaren en VvE-besturen is het verstandig om bij onderhoud van de gevel niet alleen naar de prijs van een enkele ingreep te kijken, maar naar de verwachte levensduur en het aantal keren dat onderhoud nodig zal zijn. Een onderhoudsplan dat rekening houdt met de totale levensduur van voegwerk, metselwerk of gevelbekleding geeft een realistischer beeld van de kosten dan een eenmalige offerte.
Dit bericht is onze samenvatting en duiding van een artikel van Houtwereld. Lees het oorspronkelijke artikel


